
Het college wil heel zeker weten dat de zeventien joodse en communistische Zaanse raadsleden die volgens een agenda-initiatief van Rosa en de ChristenUnie in 1940 door hun collega's geruisloos uit de lokale politiek verwijderd werden ook inderdaad de enigen waren die dat lot ten deel viel. Dat wordt door het gemeentearchief nog eens nader gecheckt. Hun namen moeten op een plaquette in de raadzaal een blijvende herinnering aan die zwarte bladzijde worden.
Vrijwel de gehele raad vindt dat een prima idee en ook het college staat achter het voorstel. Volgens wethouder Gerard Slegers zou het gedenkteken er al in september kunnen komen, bij de opening van een nieuw politiek seizoen na het zomerreces en met een nieuwe gemeenteraad. Juist in deze tijd met een ongekende polarisatie en verharding is het belangrijk om het democratisch proces niet als een vaststaand gegeven te zien maar als een verworvenheid die waakzaamheid en bescherming verdient. Niet alleen de Zaanse politici schoten in 1940 schromelijk te kort, ook de pers en de bevolking gaven geen tegengas.
De door de bezetter weggezuiverde en door iedereen n de steek gelaten raadsleden waren: David Duis en Gerrit Hendrik Dorreboom uit Zaandijk, Pieter Root uit Koog aan de Zaan, Teunis Glijnis, Simon de Roo, Frank Oostveen en diens opvolger P. Kuijper uit Krommenie, Maarten Siffels, Fokke Bosman en Dirk Makkinga uit Zaandam, Piet Kuiper en Johan Cornelis Kamphuijs uit Wormerveer, Pieter Willem Horn uit Westzaan, Pieter Tuijn en Jan Veenis uit Assendelft, Jan Houtman uit Wormer en Jan van den Broek en Pieter Rep uit Oostzaan. Hun lang vergeten geschiedenis werd blootgelegd door Erik Schaap.




