
De gemeente heeft de Sociale Wijkteams gevraagd om inwoners drie maanden nadat zij huishoudelijke hulp toegewezen hebben gekregen te bevragen over het resultaat: wonen zij sindsdien (nog steeds of weer) in een schoon en leefbaar huis? Dat laatste blijft namelijk het uitgangspunt van de hulp in afwachting van een aangekondigde wetswijziging wat betreft de manier van indiceren.
De gemeente laat ook onderzoeken of het mogelijk is om inwoners, al dan niet op verzoek te laten weten hoeveel tijd de aanbieder in hun specifieke geval wil inzetten om het resultaat 'schoon en leefbaar' te behalen. De bestuursrechter heeft al enkele malen gemeenten - waaronder Zaanstad - op de vingers getikt omdat de resultaatgerichte aanpak de ontvangers van de zorg onvoldoende duidelijkheid geeft over wat zij van de toegewezen hulp mogen verwachten. De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft echter laten weten dat hij in september met een voorstel komt om de W et m aatschappelijke o ndersteuning zodanig aan te passen dat het indiceren in resultaten daarin wordt verankerd. Zaanstad volgt het advies van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten op om in afwachting hier van te kiezen voor maatwerk in individuele situaties zonder het beleid voor de hele doelgroep aan te passen.
[embed][/embed]
D e opdracht aan de zorg aanbieders is om alleen te doen wat expliciet afgesproken is . Extra werkzaamheden die de hulp voorheen mogelijk binnen de indicatie kon uitvoeren, zoals boodschappen doen kunnen binnen de indicatie ‘schoon huis’ niet langer worden uitgevoerd. Het uitgangspunt is niet hoe lang de hulp aanwezig js, maar hoe het huis eruit ziet. Als de indicatie niet voldoende blijkt om het huis schoon te houden dan wordt d i e bijgesteld, zo belooft het college.
[embed][/embed]
Het college is er nog niet uit of de tarieven die zij aan zorginstellingen betaalt door de beugel kunnen. De wet vereist dat aan zorg aanbieders een ‘reële prijs' wordt betaald en volgens de in problemen geraakte aanbieder van huishoudelijke ondersteuning Familiehulp is dat in Zaanstad niet langer het geval. Bepalen wat reëel is blijkt echter een weerbarstige materie. De gemeente benaderde 55 aanbieders om er een beeld van te krijgen en slechts twaalf daarvan reageerden met een onderbouwde kostprijs. Zaanstad wilde weten h oeveel tijd de organisaties gemiddeld nodig hebben om scho ne en leefba re huizen af te leveren, wat de kostprijs per uur is en hoe deze is opgebouwd.
‘De aanbieders blijken allemaal de vraag naar de benodigde tijdsinzet om het resultaat te kunnen halen anders geïnterpreteerd te hebben. Zij hebben aangegeven hoeveel minuten zij feitelijk leveren en niet het aantal minuten dat zij nodig hebben om het resultaat te halen. Het aantal minuten verschilt per aanbieder. Dat hangt samen met de verschillende kostprijzen die aanbieders hanteren,’ schrijft het college in een brief aan de gemeenteraad. Wat er eerder was – de benodigde tijd of het benodigde geld – wordt hieruit niet duidelijk.
Wat wel helder werd zijn
grote verschillen in de opbouw van de tarieven.
O
p basis van de
aangeleverde
informatie
berekenden ambtenaren een
gemiddeld uurtarief
met inachtneming van
de grootte van de aanbieders
en kwamen uit op
29,33
euro
.
Een prijsberekening net behulp van
landelijke modellen, gegevens uit de branche en met vergelijkingscijfers vanuit de inkoop jeugdhulp
leverde een
reële kostprijs per uur van 28,35
euro
op
.
Op grond hiervan en een vergelijking
met tarieven van gemeenten waar momenteel een aanbesteding loopt
is de eerste voorzichtige conclusie dat
het door
Zaanstad
berekende uurtarief reëel is en
dat daarmee het afgesproken
resultaat behaald kan worden.
[embed][/embed]
G edurende de zomerperiode wordt echter nog nader onderzoek naar de opbouw van de tarieven gedaan en worden de vervolgstappen om tot een reëel tarief te komen bepaald. Dat gaat in overleg met de andere gemeenten waarmee het contract met Familiehulp is afgesloten: Wormerland, Oostzaan, Landsmeer en Waterland. In september staat het onderwerp op de agenda tijdens een overleg met een bredere vertegenwoordiging vanuit de aanbieders.