
De twee nieuwe stadsdichters hebben hun erefunctie ingeluid met odes aan Zaanstad. Reinier Fosch en Lisa van Tongeren moesten als onderdeel van de selectieprocedure hun liefde voor de gemeente met de pen belijden en ze zijn nu openbaar gemaakt. We beginnen met de ode van Van Tongeren:
Zaanstad.
Ja, ik heb ooit verlangd naar een andere stad
toen ik jonger was en dacht dat het altijd maar bruisen moest
nu zie ik dat jouw stromen me koest houden en dat ik dat nodig heb
nu waardeer ik je nijverheid, je industrie en de fietspaden die hobbelen over je wortels nu zie ik het staan op schouders van walvisvaarders
de silo’s waar je verhalen opgeslagen liggen
nu luister ik echt goed naar hoe wind geluid maakt in je straten
en nu pas heb ik vragen hoe kan het dat hoe verder van je kade hoe meer kans op verdrinken
in wijken waar je later op de avond liever niet meer buiten komt
hoe kan het bouwen van een sluis zo falen als je verslingerd bent aan water
hoe kan het centrum van houtzagerij zo versplinterd zijn
waarom is het bruggen slaan nog niet wat jou uniek maakt
we hebben haast nul zeven vijf
Slinger moet Fraser ontmoeten en Mo Monet leer kennen
wie ver van je bed staat en zorg dat het bij elkaar blijft
maak nou terrassen langs het water voor die dagen dat eindelijk de zon schijnt
je Zaans Zoentje smaakt me daar echt beter
durf nou naast je nuchterheid, grof gemalen trots te zijn
want je mosterd gaat viraal en je mayo wereldwijd
je inwoners hebben niets aan je bescheidenheid
zij willen horen dat de Zaan ze overal kan brengen
leer ze desnoods zwemmen als ze nog niet zeilen kunnen
ze zullen jaren later nog weten dat het onder jouw vlag was dat ze roeien leerden
en dat het ruime sop bestaat
en ik zal jaren later nog weten dat dit thuiskomen is als ik varen ga.
Ode aan mijn Zaanstad door Reinier Fosch a.k.a. Reintje aan de praat
Zaanstad je wil iets zeggen? Laat mij het voor je opschrijven.
Laat me namens jou praten, als het kan, doe ik het rijmend.
Je contouren in lusletters uitlijnen als buslijnen
of met one-liners rechtstreeks naar het hart van de hoofdstad reiken.
Laat me kijken wat we kunnen bereiken met wat lijnen.
Over de tijden van toen of doelen nog te bereiken.
Met gods wil, zeg ik denkend aan verzetsstrijders.
Inshallah, zeg ik luisterend naar die straatstrijders.
Het kleine zusje groeit op kan niet op damsko achterblijven.
Zaantje urbanised alles, je ziet de gebouwen rijzen.
Levels op levels, terwijl ik naar je sta te kijken.
Zaandam, ik voel je, ik help je door je groeipijnen.
Hier ben ik geboren, niet gekozen maar we zijn er.
Ik ben van jou als inwoner, als stad ben jij de mijne.