Beslissende fase voor ecodorp Tulpstraat Wormerveer

Foto: Ecohof Noorderveer

Na een lange aanloop die al begon in 2013 is het Collectief Particulierm Opdrachtgeverschap Eco aan de Zaan een enorme stap verder gekomen nu het ontwerpbestemmingsplan voor het voormalige schoolgebouw in de Tulpstraat in Wormerveer is afgerond. Daar komt een duurzaam en circulair ecodorp.

Ecodorpen zijn woonvormen die gebouwd worden met duurzame materialen en gebruikmaken van hernieuwbare energie. Bij het ontwerp staat duurzaamheid en klimaatadaptatie centraal. In de Tulpstraat komen in de leegstaande Floraschool uit 1954 elf koopwoningen van verschillende grootte en op de plek van de gesloopte gymzaal een is een woongebouw met zeven sociale huurappartementen en vijf middenhuurappartementen gepland. Het schoolgebouw wordt daarbij een verdieping opgetopt. Het schoolplein behoudt het open karakter zonder bebouwing en wordt vergroend.

Een impressie van de tuin.

Er komen dertien parkeerplekken op het eigen terrein, maar de bewoners van het ecodorp kiezen bij voorkeur voor de fiets of het openbaar vervoer voor hun verplaatsingen. Er komen dus in totaal 60 plekken om fietsen te stallen voor bewoners en tien voor bezoekers. De woningen maken gebruik van een gezamenlijke binnentuin om onder andere voedsel te verbouwen. Omdat die binnentuin op de plaats van het huidige schoolplein wordt aangelegd, neemt het verhard oppervlak af. Dit draagt niet alleen bij aan een verruiming van de infiltratie van regenwater, maar zorgt ook voor een afname van de hittestress.

Klimaatbestendig

Verder wordt er met natuurlijke zonneschermen gewerkt in de vorm van schuine pergola’s met begroeiing om woningen in de zomer koel te houden. In de winter, als de zon laag staat, verliest de begroeiing haar bladeren waardoor de woningen door de zon worden opgewarmd. Ook wordt regenwater in de natte periode opgevangen om in de droge periode te kunnen worden ingezet voor irrigatie.

Natuuronderzoeken

Voordat de bouw kan starten is nog aanvullend onderzoek nodig naar nestlocaties van de huismus en verblijfplaatsen van vleermuizen en ndien struweel wordt verwijderd ook naar marterachtigen. Het onderzoek naar vleermuizen dient afgestemd te zijn op de verwachte aanwezigheid van de gewone dwergvleermuis, laatvlieger, rosse vleermuis en de ruige dwergvleermuis. Het onderzoek naar kleine marterachtigen rich zich op de mogelijke aanwezigheid van de bunzing, hermelijn en wezel.

Aanmelden nieuwsbrief
Cookieinstellingen