
Na ruim tien jaar zelfstandigheid blijken de buurthuizen goed in staat te zijn om hun locaties met sociaal ondernemerschap en actief burgerschap te exploiteren. Het college komt nu met een herziening van de huidige subsidieregeling als een vervolgstap in het toekomstbestendig subsidiëren van het buurthuis- en ontmoetingswerk per 2027.
Actief burgerschap in de wijk en past beter bij de inhoud van het buurthuiswerk dan de huidige subsidieregeling, aldus een raadsinformatiebrief. Het college wil met deze herziening ook de identiteit en werkwijze van de buurthuizen versterken en meer transparantie geven over de inzet en criteria van de subsidie. De belangrijkste wijziging is dat het buurthuiswerk wordt gesubsidieerd voor concrete activiteiten. In de huidige regeling is dit een combinatiesubsidie voor maatschappelijke activiteiten en de bekostiging van de exploitatie, voornamelijk kosten van gebouwen en personeel.
In de herziene subsidieregeling is het aan te vragen bedrag onderverdeeld in categorieën. De vrijwillige besturen van de buurthuizen en de specifieke ontmoetingslocaties krijgen de keuze om naar eigen inzicht en mogelijkheden subsidie aan te vragen voor één of meerdere categorieën. Hiermee blijft de zelfstandigheid en diversiteit van de buurthuizen in de wijken behouden en zijn transparante criteria voor de subsidiecategorieën mogelijk. Het uitgangspunt één buurthuis per wijk is een nieuw onderdeel van de subsidieregeling.
Naast buurthuizen zijn er specifieke ontmoetingslocaties opgenomen in de herziene regeling als aanvullende locaties, zoals een speeltuinvereniging of een woonzorg gerelateerde functie. Deze specifieke ontmoetingslocaties krijgen in de herziene subsidieregeling een aparte categorie met een beperkt maximaal beschikbaar budget. De buurthuizen blijven ook in de toekomst sociale ondernemingen. Ze zijn in hoge mate afhankelijk van andere inkomsten dan de gemeentelijke bijdrage zoals de verhuur van kantoorruimte en zalen, eigen bijdragen van deelnemers of barinkomsten. In de huidige regeling werd de exploitatiesubsidie op vijftien tot 35 procent van de begroting vastgesteld, afhankelijk van de grootte van de locatie en het werkgebied. In de herziene regeling zijn de criteria voor alle buurthuizen gelijk en vastgesteld op basis van het concrete aantal bewoners in de wijk.





