Oliehandel Havenstraat ziet kansen om bedrijf daar te behouden

Foto: Google Earth

Oliehandel Anton van Megen in de Havenstraat in Zaandam zit al jarenlang in onzekerheid over de toekomst. De gemeente en de omwonenden zien het bedrijf het liefst vertrekken, maar waar naartoe? Het college nu twee scenario’s uitgewerkt waarmee het bunkerstation op dezelfde plek kan blijven bestaan, maar de bevoorrading grotendeels via het water gaat en niet langer met vrachtwagens.

In 2017 is de eerste scenariostudie uitgevoerd naar alternatieve locaties voor Oliehandel van Megen. Uiteindelijk bleef daar één alternatieve locatie over, in de Wim Thomassenhaven. De vernietiging van het omgevingsplan voor het Hembrugterrein door de Raad van State doorkruiste de gesprekken die daarover gaande waren echter. Bij het bespreken van het bestemmingsplan Havenstraat – Hemkade dat daarvoor in de plaats kwam stelde Van Megen een nieuwe oplossing voor, namelijk een groter bunkerschip op de huidige locatie aan de Havenstraat waardoor de bevoorrading via het water zou kunnen plaatsvinden. Daarom zijn er nu twee opties: een verplaatsing van de binnenvaartactiviteiten naar de Gerrit Bolkade in de Wim Thomassenhaven, waarbij de recreatievaartactiviteiten op de huidige Havenstraat blijven óf het aanmeren van een groter bunkerschip aan de Havenstraat.

Eerste scenario

In het eerste scenario wordt het bunkerstation uitgebreid met een bunkerschip van circa 80 meter op de nieuwe locatie komt te liggen. Het huidige, kleinere bunkerschip blijft aan de Havenstraat liggen om de recreatievaart te voorzien van brandstof. De Wim Thomassenhaven is verboden terrein voor recreatievaart. En er zitten meer haken en ogen aan het plan: zo ligt de Wim Thomassenhaven bovenop de spoortunnel tussen Amsterdam – Sloterdijk en Zaandam stelt ProRail eisen aan het monitoren van de tunnelbak voorafgaand aan, ten tijde van én na de herinrichtingswerkzaamheden. Risico’s op grondzetting bij het trekken en slaan van meerpalen moeten aantoonbaar worden uitgesloten. Ook moet er een nieuwe plek worden gevonden voor een deel van de duwbakken die er nu liggen en moet er een ontsluiting op de s150 worden gemaakt. Tenslotte is er nog 24 uurs radar voor Vessel Traffic Service (scheepsverkeerleiding) op de kop van de haven. Onderzoek moet uitwijzen binnen welke straal het schadelijk is om hier in te werken en wonen.

Van negen naar twee trucks per week

In dit scenario blijft het huidige kleine bunkerschip aan de Havenstraat liggen, maar verdwijnen de meeste opslagcontainers en het winkelponton. De hoeveelheid brandstof die voor de recreatievaart wordt gebunkerd is een fractie van de totale hoeveelheid brandstof die door de oliehandel wordt verhandeld. Het aantal vrachtwagens dat het bunkerstation aan de Havenstraat aandoet gaat dan ook sterk omlaag. Voor de binnenvaartactiviteiten komen er in de huidige situatie maximaal negen aan- en afrijdende brandstoftankwagens per week. In de nieuwe situatie wordt dit teruggebracht naar maximaal twee per week voor uitsluitend de pleziervaart.

Tweede scenario

In het tweede scenario blijven alle activiteiten van Oliehandel Van Megen op de huidige locatie en vindt de bevoorrading voor het overgrote deel plaats via het water. In de huidige situatie heeft Van Megen een brede steiger tussen de wal en het bunkerschip met meerdere containers die gebruikt worden als opslag en als werkplaats. In de nieuwe situatie biedt een groter bunkerschip voldoende ruimte om al deze spullen op te slaan. De kade zal dus meer openbaar worden en de brede steiger kan vervangen worden door een loopbrug aan de voor- en achterzijde van het bunkerstation. De afstand tussen de wal en het bunkerstation bedraagt in de nieuwe situatie dan zo’n dertien meter: voldoende ruimte om de beleving van het water en de openbaarheid van de kade te verbeteren.

 

 

De bevoorrading over water kan plaatsvinden vanaf 1200 kubieke meter brandstof per levering en het huidige bunkerschip is te klein om deze hoeveelheid op te slaan. Voor de recreatievaart wordt andere brandstof geleverd dan voor de beroepsvaart en daarom moet de brandstof voor de recreatievaart over de weg blijven worden aangeleverd. Oliehandel Anton van Megen verwacht dat de bewoners van de Havenstraat zich zullen kunnen vinden in het tweede scenario, omdat de overlast van de zware vrachtwagens grotendeels verdwijnt. Ook de geluidsoverlast die gepaard gaat met het overpompen van brandstof verdwijnt.

Enclave

Er is al contact geweest tussen de oliehandel en de toekomstige bewoners van De Enclave op het Hembrugterrein. De gemeente is hier ook bij aanwezig geweest. De gesprekken zijn volgens wethouder Wessel Breunesse positief verlopen en ‘de partijen hebben begrip voor de wensen van de ander’. Het bedrijf start ook met een eerste inventarisatie van het draagvlak bij de bewoners van de Havenstraat.Het streven is om voor het eind van het jaar duidelijkheid te hebben en om verdere besluiten te nemen.

Vragen POV

De POV heeft ‘met stijgende verbazing’ kennis genomen van deze ontwikkelingen. ‘Wij verbazen ons over het feit dat dit nu op eens actueel is terwijl de Partij voor Ouderen en Veiligheid hierover op 1 oktober 2015 al een agenda-initiatief heeft ingediend. Op 30 november 2015 hebben wij hier al technische vragen over gesteld omdat wij de zorgen van de Havenstraat bewoners deelden,’ schrijft raadslid Jaap Keijser. Eerder liet eigenaar Anton van Megen weten dat de aanvoer van brandstoffen over water geen realistisch model was omdat dit hem jaarlijks vele duizenden euro’s extra zou kosten. Hoe kan dit dan nu opeens wel rendabel zijn? En waarom kan niet ook de brandstof voor de pleziervaart over water worden aangevoerd, zodat de smalle Havenstraat helemaal van de vrachtwagens verlost is?

Daarnaast wil Keijser komende dinsdag van Breunesse te weten komen hoe het zit met de milieucontouren en de veiligheid van de toekomstige bewoners van De Enclave op het Hembrugterrein.

Reacties