
In ons land werden in 2021 ruim 50.000 net opgeleverde woningen bewoond. Dat zette een verhuisketen in gang waardoor dat jaar ruim 120.000 woningen vrijkwamen voor nieuwe bewoners. Zaanstad profiteerde van Amsterdam, zo blijkt uit het dashboard Verhuisketens in Nederland van het CBS.
Een verhuisketen als gevolg van nieuwbouw (huur- en koopwoningen) bestaat uit meerdere schakels. De eerste omvat de woningen die de nieuwbouwbewoners achterlaten. In 2021 waren dat er 56.000 duizend, dus meer dan het aantal bewoonde nieuwbouwwoningen. Dat is onder meer te verklaren doordat twee mensen die gaan samenwonen beiden een huis achterlaten.
De nieuwe bewoners van deze eerste schakel lieten in 2021 tezamen bijna 33.000 woningen achter. Deze vormen de tweede schakel in de verhuisketen. Na de eerste schakel komen bij elke volgende stap minder woningen vrij. Dit is te verklaren doordat per schakel ongeveer de helft van de huishoudens bestaat uit starters. De achtergebleven woningen blijven dan nog bewoond door bijvoorbeeld ouders of ex-partners.
Nieuwbouw in Amsterdam werkt door in het hele land, en ook sterk in Zaanstad. In 2021 werden er in de hoofdstad 3800 nieuwbouwwoningen in gebruikgenomen. De doorstroom hierdoor was het grootst op de Amsterdamse woningmarkt zelf: daardoor kwamen bijna 4500 andere woningen vrij die weer werden bewoond. Maar de oorstroom werkte ook door op de woningmarkt in bijvoorbeeld Zaanstad (120 woningen vrijgekomen), Groningen (85) en Maastricht (40).
In het dashboard Verhuisketens wordt gekeken naar verhuisketens die gestart worden door nieuwbouw, transformatie, emigratie of sterfte. De verhuisketen eindigt zodra er na een verhuizing nog iemand blijft wonen in de achtergelaten woonruimte. Ook eindigt de verhuisketen als de woning wordt gesloopt of bewoond wordt door een huishouden van buiten Nederland. In dat geval wordt er immers geen woning in Nederland achtergelaten.