Participatie niet altijd meepraten en meebeslissen, soms ook afwachten

Foto: Google Street View

‘Wat de gemeente bedoelt met participatie is voor belanghebbenden (bewoners, bedrijven en organisaties) lastig te begrijpen omdat er op verschillende momenten in de beleidsontwikkeling verschillende ‘niveaus van invloed’ door belanghebbenden mogelijk zijn.’ Dat schrijft het college in een brief aan de raad met uitleg over de Peperstraat.

Om die niveaus van informeren tot coproduceren en faciliteren zichtbaar te maken werkt Zaanstad met een zogenoemde participatieladder. De onderste trede gaat over ‘informeren’ – en in tegenstelling tot hetgeen het woord ‘participatie’ suggereert is er in die fase nog geen sprake van actief meepraten, laat staan meebeslissen. Informeren is éénrichtingsverkeer: vertellen hoe het zit met de mogelijkheid om vragen te stellen.

De participatieladder.

 

Wat het er voor de inwoners niet gemakkelijker op maakt om de kwestie inspraak te beoordelen is dat de ladder eerst een stukje bekommen wordt (tot de trede ‘adviseren’), maar dat er vervolgens weer wordt afgedaald naar ‘informeren’. Tijdens de voorbereiding van de haalbaarheidsfase is volgens het college ‘een uitgebreid participatietraject’ gevolgd. ‘In deze fase ging de participatie tot het niveau ‘adviseren’. Voor de bewoners betekende dit het perspectief van ‘Ik heb een inhoudelijke bijdrage geleverd’.’ Na deze voorbereidingsronde kwam het haalbaarheidsonderzoek, en ging het niveau van participatie terug naar ‘informeren’.

Sloop haalbaar

De conclusie van het college over de haalbaarheid van sloop en nieuwbouw in de Peperstraat is dat deze herontwikkeling mogelijk is. En dat is met name huurders van de te slopen flats van eigenaar Accres in het verkeerde keelgat geschoten. Zij voelen zich niet gehoord – maar zaten volgens de ladder de afgelopen tijd dan ook in de wachtkamer, op de trede ‘informeren’.

Vertrouwensbreuk

Het mag op papier een werkbaar systeem zijn, wat de Peperstraat betreft leidde het tot een vertrouwensbreuk tussen huurders en de gemeente. Daar komt nog bij dat die gemeente de participatie uitbesteedt aan de ontwikkelende partij, terwijl bewoners en andere betrokken partijen juist naar ‘hun’ bestuurders kijken voor steun en een luisterend oor. Het onverkort vasthouden aan ‘we doen het volgens de regels’ van de wethouder zonder aandacht voor de emotionele kant van de zaak is uiteindelijk wat de huurders op de barricades heeft gedreven.

Herziene werkwijze

Rijkelijk laat gooit de gemeente het nu over een andere boeg en gaat wél een rol spelen in de participatie. Niet alleen wat betreft de huurders van de Peperstaat, maar ook wat betreft omwonenden zoals de bewoners van de Bloemgracht en die van de achterliggende buurten en van de woningen aan de kant van de Gerhardstraat. ‘Deze groepen zijn in de afgelopen twee jaar via huis-aan-huis brieven en een aantal bijeenkomsten geïnformeerd, maar geven ook aan dat ze daarmee onvoldoende weten hoe het zit.’

Vooraf verwachtigen managen

In het vervolg wordt per groep gekeken op welke wijze de gemeente met hen de participatie opzet. ‘Van belang daarbij is dat vooraf in de gesprekken aangegeven wordt welke vorm de participatie zal hebben en welke mate en vorm van invloed daarbij hoort. Het streven is om met elkaar in gesprek te gaan, te luisteren naar de knelpunten en te onderzoeken of en op welke wijze ze opgepakt kunnen worden. In een vervolgoverleg wordt dit vervolgens teruggekoppeld. Uitgangspunt is ook met deze groepen regelmatig contact te hebben.’

Er komen bewonerspanels waarin onderwerpen besproken kunnen worden en onderzocht wordt of een direct aanspreekpunt vanuit de gemeente in het gebied mogelijk is. Deze persoon zou bijvoorbeeld twee keer in de week op een plek in de Peperstraat spreekuur kunnen houden voor niet alleen de bewoners van de Peperstraat maar ook voor omwonenden. Deze ‘informele participatie’ moet plaatsvinden naast het formele traject.

Niemand op straat

‘Een belangrijk punt in de inspraak is dat we nu op het punt staan een besluit over sloop te nemen terwijl er volgens de huurders geen zicht is op goede vervangende woningen,’ constateert het college. Het Sociaal Plan van Accres voldoet weliswaar aan de landelijke wetgeving, maar daarmee hebben de bewoners van de te slopen flats nog geen nieuwe woning. Daarmee wil het college nu ook aan de slag, zodat de huurders niet langer in onzekerheid zitten. De belofte dat niemand op straat komt te staan is volgens het college in beton gegoten.

 

Reacties