
Het CDA in Zaanstad legt zich niet zomaar neer bij de constatering van woningcorporaties en de gemeente dat er momenteel geen handvatten zijn om Huurders van sociale woningen die één of meer koopwoningen bezitten aan te pakken. In Zaanstad zou het om zo'n 125 onterecht bewoonde sociale huurwoningen gaan.
In heel Nederland zijn het er circa 12.000, het equivalent van ongeveer 0,5 procent van de totale sociale huurvoorraad. 'Relatief gezien een klein aandeel, maar absoluut relevant in een tijd van grote woningnood, lange wachtlijsten en grote druk op de sociale huursector,' meent CDA-raadslid Nick Hendriks. Woningcorporaties in Zaanstreek - Waterland noemen de situatie ook maatschappelijk onwenselijk en onrechtvaardig richting mensen die staan te springen om woonruimte, maar stellen ook vast weinig tot geen wettelijke ruimte te hebben om in te grijpen.
Een eigen huis bezitten is geen weigeringsgrond in de huisvestingsvergunning, Zaanstad mag hierover geen informatie opvragen en ook na de toewijzing van een sociale huurwoning kan alleen worden gehandhaafd bij woonfraude, onjuiste gegevens of vergunningmisbruik. 'Daaruit kan geconstateerd worden dat de huidige wetgeving tekortschiet. Landelijk pleit corporatiekoepel Aedes daarom voor aanpassing van wet- en regelgeving, onder meer door de invoering van een vermogenstoets, zodat sociale huurwoningen daadwerkelijk beschikbaar blijven voor mensen die daarop zijn aangewezen.'
Voor het CDA staat daarbij het principe centraal dat schaarse publieke voorzieningen eerlijk en rechtvaardig moeten worden verdeeld, stelt Hendriks. Hij wil van wethouder Harrie van der Laan weten of het college van Zaanstad bereid om zich samen met andere gemeenten en via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten actief richting het Rijk uit te spreken voor een wetswijziging, zodat gemeenten en corporaties daadwerkelijk kunnen optreden tegen dit type scheefwoners.





