Provincie, gemeente en aannemer de mist in met bomen Leeghwaterweg

Foto: Google Street View

Gedeputeerde Staten heeft na bijna twee maanden antwoord gegeven op schriftelijke vragen van de fracties van de Partij voor de Dieren en de SP over de geplande bomenkap langs de Leeghwaterweg. ‘Het proces is helaas niet wenselijk verlopen,’ moesten na wethouder Gerard Slegers nu ook de provinciale bestuurders in Haarlem toegeven.

De gemeente verleende afgelopen zomer de vergunning om een rij van ruim 40 bomen te kappen terwijl het wettelijk verplichte onderzoek naar de gevolgen voor planten en dieren niet was uitgevoerd. Volkerinfra, de gebiedsaannemer die in opdracht van de provincie onderzoek deed naar de veiligheid van de bomen en tot de conclusie kwam dat de hele rij Canadese populieren weg moest vergat die cruciale stap. Het gaat om een aaneengesloten rij hoge bomen over een traject van circa 400 meter, die grenzen aan het Natura 2000-gebied Wormer- en Jisperveld en de Kalverpolder. Deze gebieden zijn aangewezen voor de bescherming en instandhouding van diersoorten zoals de Noordse woelmuis en de meervleermuis en andere bijzondere (planten)soorten.

Jaarlijkse controles

Gezien de plek van deze bomen is het aannemelijk dat er (meer)vleermuizen en andere diersoorten van de bomen gebruikmaken als verblijfplaats of bij migratie, wat het ontbreken van een natuuronderzoek extra pijnlijk maakt. Eén van de taken van de gebiedsaannemers is controleren of de bomen langs provinciale wegen een risico vormen voor de verkeersveiligheid. Die controles gaan volgens het Handboek Bomen, een landelijke leidraad. VolkerInfra PNH Zaanstreek – Waterland voert jaarlijks een visuele boomcontrole uit voor alle provinciale bomen.

Te snelle vergunningaanvraag

Het is gebruikelijk dat wanneer de controle van bomen aangeeft dat er gekapt moeten, die conclusie aan de provincie wordt voorgelegd. Dat is in het geval van de Leeghwaterweg niet gebeurd, blijkt uit de antwoorden op de vragen van Jaap Hollebeek (Partij voor de Dieren) en Remine Alberts (SP). De aannemer heeft direct een kapvergunning aangevraagd. Op het moment wordt nader onderzoek gedaan en wordt herbeoordeeld welke (risico)bomen direct gekapt moeten worden en hoe met de overige bomen die aandacht verdienen wordt omgaan. Ook wordt herplant overwogen en gaat de provincie met de aannemer praten ‘om het proces te verbeteren’.

Verkeersveiligheid op één

Het rapport van VolkerInfra dateert van 8 januari vorig jaar. Recent onderzoek door onafhankelijk boomdeskundige en oud-bomenbeheerder van Zaanstad Fred Roovers wees uit dat de bomen weliswaar niet de schoonheidsprijs verdienen, maar – één boom uitgezonderd – nog jaren mee kunnen. Volgens Gedeputeerde Staten worden bomen langs de provinciale wegen beoordeeld op verkeersveiligheid en daarmee op mogelijke risico’s voor de weggebruikers. ‘Bepalend hierbij is ook de intensiteit en aard van het gebruik van de betreffende weg. Bij de Leeghwaterweg (tussen de Julianabrug en het Zaans Museum) zijn bij alle bomen verschillende gebreken geconstateerd met als voornaamste gebrek een verminderde conditie en een grote kans op takbreuk.’

Andere bomensoort

Er is langs de Leeghwaterweg dus een grote kans op takbreuk van zware takken met mogelijk ernstige gevolgen voor de weggebruiker, constateren de provinciebestuurders. ‘Gezien het gebruik van deze weg (fietsers, wandelaars en toeristen) is het advies hierbij geweest om de bomenrij in zijn geheel te rooien en opnieuw aan te planten met een soort boom die minder risico oplevert. Door het planten van soorten die beter geschikt zijn voor deze plaats kan later weer een fraai laanbeeld ontwikkeld worden.’

Risico- en attentiebomen

De overige bomen aan de Leeghwaterweg zien er nagenoeg identiek uit, maar hebben onder andere een mindere kans op takbreuk en hebben een ruimere standplaats. Zij vormen mede daardoor een minder groot veiligheidsrisico voor de weggebruiker. Voor bomen die een direct risico opleveren voor de verkeersveiligheid is geen voorafgaand ecologisch onderzoek vereist: die kunnen meteen worden neergehaald. Zogenoemde attentiebomen mogen – ook met een eventuele kapvergunning  – pas gekapt worden na de natuurtoets en/of een ontheffing van de Wet natuurbescherming.

Vergunning aangepast

‘De gemeente Zaanstad heeft expliciet in de kapvergunning de voorwaarde opgenomen dat voorafgaand aan de kap de bepalingen uit de Wet Natuurbescherming met betrekking tot beschermde planten en inheemse diersoorten moeten worden gerespecteerd. Er zal een ecologische quickscan worden uitgevoerd en, indien noodzakelijk, een natuurtoets. Zodra deze quickscan/natuurtoets is gemaakt zal de afdeling regulering van de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord deze ontvangen en neemt de provincie contact op. Het kappen zal pas plaatsvinden nadat er afstemming heeft plaatsgevonden met deze afdeling en met gemeente.’ Er wordt ook bekeken of de kap gefaseerd kan worden uitgevoerd.

 

Reacties