Drie inwoners tevergeefs naar Raad van State wegens afvalboete

Foto: Pikist / CC0

Drie inwoners van Zaanstad hebben tevergeefs een beroep gedaan op de Raad van State om onder een bestuurlijke boete voor afvaldumping uit te komen.

Zaanstad paste in oktober 2018 spoedeisende bestuursdwang toe en haalde een huisvuilzak weg die was aangetroffen naast een ondergrondse container in de Zaandamse Czarinastraat. Tot de inhoud van die zak behoorde een enveloppe met de naam van inwoonster, die daarvoor een afrekening ontving van 182 euro. Daar maakte de vrouw bezwaar tegen, maar dat werd door het college ongegrond verklaard. De inwoonster ontkent dat de huisvuilzak van haar afkomstig is en gaf voor de Raad van State aan dat zij nooit afval verkeerd heeft geplaatst, nooit eerder ergens een boete voor heeft gehad en dat zij niet wil betalen voor iets dat zij niet heeft gedaan.

De aangetroffen enveloppe is verloren tijdens het scooterrijden, vermoedt ze. Op de foto van het bewijsmateriaal is volgens haar bovendien duidelijk te zien dat de enveloppe is aangetroffen in een tijdelijke rolcontainer aan het einde van de Czarinastraat en niet bij de ondergrondse afvalcontainer een paar meter verderop, die tijdelijk niet beschikbaar was. De rechter oordeelde echter dat het college op grond van de enveloppe mag aannemen dat zij de overtreder is en dat haar stellingen dat zij nooit afval verkeerd plaatst en dat zij, als ze dat wel had gedaan, nooit zoveel moeite zou hebben gedaan om te bewijzen ze eerlijk is onvoldoende objectief zijn om aan te tonen dat het college het in dit geval mis heeft gehad.

Op de zitting legde de gemeente nog uit dat op de foto van de enveloppe niet de tijdelijke rolcontainer te zien is, maar het voertuig waarmee de toezichthouders controleren op verkeerd aangeboden huisvuil. Dat kan aan de zijkant worden geopend om zwerfzakken op een goede werkhoogte neer te leggen en te onderzoeken. Rechtsonder op de foto was nog een gedeelte van de geopende zijkant van het voertuig te zien. De Zaanse trok daarmee aan het kortse eind.

Westzanerdijk

Een bewoner van de Westzanerdijk in Zaandam raakte in problemen nadat er naast een bovengrondse container een aantal pakketten gebundeld karton waren gesignaleerd en één hele grote kartonnen doos met zijn naam en adres erop. De man ontkent niet dat hij die daar op 30 september 2018 heeft neegelegd, maar stelde dat er al karton van andere buurtbewoners lag in afwachting van het kunnen lenen van de aanhangwagen van zijn buurman om het papier naar het afvalbrengstation te brengen. Hij zou vier dagen later het karton van hem en de andere bewoners, dat nog steeds naast de container lag, met de aanhangwagen naar de stort hebben gebracht.

De stelling van de gemeente dat die het karton meteen heeft weggehaald klopt volgens de Zaandammer dan ook niet. Hij nam contact op met het afvalbrengstation om camerabeelden op te vragen van het moment dat hij daar was, maar die kreeg hij niet vanwege privacyregels.  Tijdens de hoorzitting over zijn bezwaar tegen de boete zou ook een buurman gehoord zijn die, toen hij zijn hond aan het uitlaten was, heeft gezien dat een toezichthouder foto’s van het karton maakte en vervolgens wegging zonder dat mee te nemen. Twee andere buren bevestigden dat verhaal.

Het college vroeg het na bij de betrokken toezichthouders en die verklaarden de aangetroffen doos wel degelijk te hebben afgevoerd. Volgens het college komt het niet voor dat zij foto’s van afval maken zonder dat vervolgens mee te nemen. Bovendien waren ook al op 20 en 27 september 2018 verkeerd aangeboden dozen van de man aangetroffen. In die beide gevallen hoefde hij uiteindelijk niet te betalen, onder meer omdat het verweer dat de dozen in de voortuin waren gelegd en dat een ander de dozen verkeerd had aangeboden aannemelijk werd geacht.

Volgens het college is het goed mogelijk dat de inwoner op 4 oktober ander karton dan de op 30 september 2018 aangetroffen doos heeft weggebracht naar het afvalbrengstation. Dar vindt ook ’s lands hoogste bestuursrechter. ‘Ook al zouden de camerabeelden van het afvalbrengstation aantonen dat hij daar op 4 oktober 2018 karton heeft weggebracht, dan zou dat niet aantonen dat hij toen ook de door de toezichthouders op 30 september 2018 aangetroffen doos heeft weggebracht,’ aldus de uitspraak. Daar hij op mdat moment met en verbouwing bezig was zullen er wel meer grote dozen zijn geweest.

Morgensterstraat

Een doos kostte in november 2019 ook een bewoonster van de Morgensterstraat in Zaandam 182 euro. Die lag naast een ondergrondse restafvalcontainer, maar de vrouw meent dat het college er in redelijkheid van had moeten afzien om te bepalen dat de kosten van de toepassing van bestuursdwang voor haar rekening komen. Het verwijderen van één doos was volgens haar niet zodanig spoedeisend dat dit haar 182 euro moet kosten en staat de hoogte van het bedrag niet in verhouding tot het geschonden belang.

Hierbij benadrukte zij dat ze maar één lege kartonnen doos naast de container en het daarnaast al aanwezige huisvuil heeft gezet en dat de andere rommel op de gemaakte foto’s niet van haar afkomstig is. En de gemeente had ook het strafrecht kunnen inschakelen in plaats van bestuursdwang, aldus de vrouw. Ter zitting in Den Haag werd duidelijk dat het slechts om die ene doos draaide en niet om het andere afval. Dat is ook onderzocht en daarvoor hebben – als het te herleiden was – anderen een rekening gekregen.

De bestuursrechter legt uit dat het een college vrijstaat om bij afvaldumping handhavend op te treden door het opleggen van een bestuursrechtelijke sanctie. Er wordt dan voor spoedeisende bestuursdwang gekozen vanwege de overlast, de vuilaantrekkende werking en de vervuiling. Ook in het belang van het aanzien van de gemeente vindt het college het nodig om rondslingerend afval onmiddellijk te verwijderen, ook als het om slechts één doos gaat.

De kosten die zijn gemaakt voor het verwijderen van de doos komen in beginsel voor rekening van de overtreder te komen. Dat er nog ander huisvuil aanwezig was dat niet van haar afkomstig was maakt daarvoor geen verschil. In Zaanstad is het beleid dat verkeerd aangeboden afval dat is te herleiden tot de overtreder altijd verhaald wordt op de overtreder, ook als het maar om een klein voorwerp gaat. Dat betekent dus een hele dure doos.

 

Reacties