Eerste stap om nieuw beleid participatie in de steigers te zetten

Foto: Publicdomainpictures.net

Zaanstad wacht een metamorfose met een prognose van zo’n 200.000 inwoners in 2040. Er komen meer woningen, meer voorzieningen en meer infrastructuur in de bestaande wijken, om het groene buitengebied te sparen. Dat schreeuwt om nieuw participatiebeleid, vinden de collegepartijen POV, PvdA, VVD, Rosa, GroenLinks en het CDA. Ze maakten samen een agenda-initiatief.

Nu de leefomgeving van veel inwoners ingrijpend verandert zal er onvermijdelijk ook sprake zijn van belangentegenstellingen. Op verzoek van de raad hebben ambtenaren een verkenning uitgevoerd van de vertrekpunten voor het participatiebeleid en een viertal varianten uitgewerkt die daarvoor als basis kunnen dienen. Daar mag de gemeenteraad nu haar licht over laten schijnen. Het uitgangspunt is dat bewoners, ondernemers en andere  belanghebbenden bij ruimtelijke initiatieven de mogelijkheid krijgen om hun belangen, ideeën en wensen vroeg in het proces – al vóór het formele vergunningenproces – kenbaar te maken. In deze fase is er de meeste ruimte om rekening te houden met de opbrengsten van de participatie,’ is de redenatie.

Verwachtingsmanagement

Die fase is ook voor de gemeenteraad het moment om richting te geven aan de inhoudelijke en procesmatige uitgangspunten van een initiatiefnemer. ‘In de startnotie van een ruimtelijke initiatief komt altijd ook de gemeentelijke rol en de mate van invloed in het participatieproces aan de orde. De deelnemers aan het participatieproces weten welke mate van invloed zij hebben op het initiatief en hebben een beeld over het vervolgproces en verdere inspraakmogelijkheden. Verwachtingsmanagement is een kritische succesfactor.’

De participatie doorloopt daarmee een aantal stappen: eerst het verzamelen en verkennen van alle relevante belangen, ten tweede de implementatie daarvan in het ruimtelijke initiatief en ten derde het vergroten van de betrokkenheid bij de omgeving. Het participatieproces is niet primair gericht op draagvlak, maar de resultaten geven een beeld van de verschillende belangen in de omgeving van het initiatief als basis voor de bestuurlijke afweging door de raad en het college.

Transparantie

De bestuurlijke afweging beperkt zich niet alleen tot de verschillende belangen in de omgeving van het initiatief, maar bevat ook algemene belangen die voortkomen uit wetgeving, vastgesteld beleid en de belangen van toekomstige generaties, aldus het agenda-initiatief. ‘In de bestuurlijke afweging wordt expliciet rekening gehouden met positieve en negatieve consequenties. Bewoners, ondernemers en belanghebbenden hebben recht op informatie over de bestuurlijke afweging van belangen en kunnen deze informatie gemakkelijk vinden.’

Wie neemt de regie?

Eén van de zaken waarover de raad zich moet buigen is of de initiatiefnemer verantwoordelijk is voor het participatieproces, met de gemeente in een terughoudende, observerende en beperkte rol of dat er een gradatie wordt aangebracht tussen ruimtelijke initiatieven (klein, middel, groot effect op de
leefomgeving) en de gemeente een actievere houding aanneemt. De initiatiefnemer en de gemeente gezamelijk verantwoordelijk maken voor het participatieproces kan ook en het laatste alternatief is dat de gemeente de regie volledig in handen neemt. De rol van de initiatiefnemer is dan volgend, meewerkend en uitvoerend.

Reacties

Cookieinstellingen