
Staatsbosbeheer zoekt 80 boeren die willen experimenteren met natuurinclusieve bedrijfsvoering bij natuurgebieden waar de stikstofneerslag omlaag moet. Ook boeren die iets nieuws willen gaan doen zoals teelt op zilte grond. zoals de bedoeling is in onder meer de Polder Westzaan kunnen meedoen.
De dienst stelt voor het project in samenwerking met het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit ruim 4000 hectare natuurgrond beschikbaar, meldt Staatsbosbeheer vandaag in het jaarverslag over 2022. Natuurinclusieve landbouw is een ecologische manier van voedselproductie, waarbij de boer gebruikmaakt van wat de natuur op en rond het bedrijf te bieden heeft. Deze manier van werken versterkt de biodiversiteit, is beter voor de waterkwaliteit en zorgt voor minder stikstofuitstoot.
Het kabinet wil dat meer boeren overschakelen op natuurinclusieve landbouw. Maar daarvoor hebben de meeste landbouwers en veehouders meer grond nodig dan ze nu bezitten om rendabel te kunnen werken. Staatsbosbeheer gaat daarom 80 boeren helpen met het overschakelen op een andere manier van werken. Het project loopt vijf jaar. Volgens Staatsbosbeheer hebben al enkele tientallen boeren belangstelling getoond.
Om aan alle gestelde natuurdoelen te kunnen blijven voldoen heeft Staatsbosbeheer wel meer overheidsgeld nodig, stelt de organisatie. Nu is maar 84 procent van alle kosten gedekt, terwijl het steeds drukker wordt in de natuur en er meer geld besteed moet worden aan beheer. Zo lopen de kosten op voor het bestrijden en opruimen van de gevolgen van natuurbranden, stormschade en drugs- en afvaldumpingen. Er zijn geen buffers meer voor het opvangen van calamiteiten die zich elk jaar wel voordoen, staat in het jaarverslag.