
Het college wil het houten huis aan de Zaanweg 26 in Wormerveer tegen de zin van de eigenaar aanwijzen als gemeentelijk monument. Het pand is niet meer als woning in gebruik en eerder werd een bouwvergunning ervoor geweigerd . De voormalige woning naast de toegang tot de achtergelegen dierenartsenpraktijk maakt deel uit van de historische houten woningen aan de Zaan. Het behoort vermoedelijk tot de oudste bebouwing in de straat, aldus de onderbouwing van het besluit.
Het pand is onderdeel van de geschiedenis van de opbloei van Wormer en Wormerveer als handels- en industriegebied en is daarmee van cultuurhistorische waarde. Het betreft één van de historische huizen in de typische Zaanse houtbouwstijl van vóór het einde van de negentiende eeuw. Deze sobere houten woningen zijn zeldzaam aan de Zaanweg, omdat ze minder goed bewaard zijn gebleven zijn dan de rijke en riante houten huizen die in een veel eerder stadium al als monument aangewezen werden. In die zin is deze woning, die wel is overgebleven, zeldzaam in Zaanstad. De historische bebouwing in de gemeente staat in het algemeen onder druk bij herontwikkelingen, waardoor het verlies van waardevolle cultuurhistorische panden een mogelijkheid is, vooral wanneer ze hun oorspronkelijke functie verliezen. Door deze panden aan te wijzen als gemeentelijk monument blijven ze voor Zaanstad behouden. De eigenaar is het niet eens met de aanwijzing en gaat daar te zijner tijd beroep tegen aantekenen.
Op basis van de archieven kan niet precies worden vastgesteld wanneer de woning werd gebouwd, maar uit het boek Wormerveer langs Weg en Zaan van Jan Aten komt naar voren dat de eerste woning tussen 1635 en 1669 op dit erf is gebouwd. Op het perceel is bebouwing bekend op de kadastrale minuut van 1811- 1832 en in 1788 wordt beschreven dat het pand door een brand ten zuiden ervan zwaar beschadigd raakte. Vermoedt wordt dat de huidige stenen zijgevel toen is opgericht. Mogelijk stammen delen van de huidige bebouwing uit de eerste bouwperiode. Wel is duidelijk dat er sinds de bouw respectievelijk timmermannen, koopmannen en/of schippers, een schoenmaker, een kaashandel, een bewaarschool, een drukkerij en een papierhandel gevestigd waren, waarbij voor de kaashandel in 1861 op het erf een groot stenen pakhuis werd gebouwd. Het bovenste deel daarvan is later weer gesloopt.






