
Pasen heeft voor velen een feestelijke betekenis. Genieten van een paasontbijt of -brunch, eieren zoeken, gezellig naar de woonboulevard of autoshow of de opstanding van Jezus vieren: iedereen vierde het lange paasweekend anders. Ditmaal blijven we thuis, met alle tijd om ons te verdiepen in de vraag: wat is Pasen eigenlijk?
Pasen is van oorsprong een heidens feest. Een feest van de heidense godin van licht en lente Eastre. Op de zondag na de eerste volle maan is het Pasen, om de vernieuwing van het leven te vieren. In christelijke gezinnen wordt met Pasen de opstanding van Jezus Christus gevierd, nadat hij op Goede Vrijdag gestorven is. Christenen herdenken met Pasen diens herrijzenis uit het graf, op de derde dag na zijn kruisiging. De Joden vieren met Pesach de bevrijding uit de slavernij in Egypte.
Pasen was vroeger ook een seizoensgebonden landbouwfeest. Het markeerde het begin van de lente en het einde van de tijd van schaarste die heerste als de voorraden van de winter opraakten. Ook heeft paasbrood op Witte Donderdag, de donderdag voor Pasen, een speciale betekenis. Het laatste avondmaal van Jezus Christus wordt ermee herdacht. Jezus Christus vergeleek zichzelf met het brood dat hij uitdeelde.
Rooms-Katholieken sluiten de vastenperiode, die direct voor Pasen eindigt af door feestelijk te bakken. Ze gebruiken ingrediënten als spijs, rozijnen, noten, krenten en sukade en sinaasappelsnippers. De vruchten worden geweld en fijngehakt voordat ze door het deeg worden gemengd. Het brood wordt vervolgens op een bakplaat gebakken.
De paashazen vinden hun oorsprong in het heidense paasfeest. De paashaas is een teken van vruchtbaarheid. Vroeger vond men eieren in oude hazenlegers. Deze waren daar gelegd door verschillende vogelsoorten, maar men dacht dat de haas dat had gedaan. Zo kwam ook de paashaas aan zijn teken van vruchtbaarheid. Een andere oorsprong waaraan gedacht wordt, is dat de haas zich razend snel voortplant: een niet te negeren teken van vruchtbaarheid. De eieren die verstopt worden door de paashaas komen ook voort uit de eieren die verstopt lagen in de hazenlegers.
Het ei stond symbool voor nieuw leven. Daarom is het ook een symbool voor het nieuwe leven na de opstanding van Jezus. Eieren werden vroeger ook opgespaard tussen carnaval en Pasen omdat in die periode streng werd gevast. Op de feestdag van Pasen werden de eieren opgegeten om aan te geven dat het vasten voorbij was. Verder zijn het ei en de kuiken symbool voor het voorjaar en het nieuwe leven. Het beschilderen doen we om het leven en de vruchtbaarheid te bevorderen.
Gele linten, gele kuikentjes, gele strikken, gele kaarsen, gele tafellakens en servetten: geel is duidelijk een echte paaskleur. Dat komt voort uit het oorspronkelijke lichtfeest. Geel is de kleur van de zon, die na donkere wintermaanden eindelijk weer te zien is.