Gemeente werkt aan integraal beleid woonoverlast

Foto: Pixabay

De gemeente werkt aan nieuw, integraal beleid om beter te kunnen optreden tegen woonoverlast. Sinds dit jaar heeft de burgemeester op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening de bevoegdheid om mensen na ernstig en voortdurend wangedrag als laatste remedie tijdelijk uit een woning te laten zetten. Er is tot nu toe eenmaal verzocht om zo’n last onder bestuursdwang of last onder dwangsom en dat verzoek is nog in behandeling.

Dat antwoordt het college op vragen van PvdA-raadslid Tjeerd Pietersma over het beleid en de aanpak van woonoverlast in Zaanstad. De gemeente is in november vorig jaar gestart met een project voor een nieuwe aanpak van woonoverlast, waarbij wordt samengewerkt tussen wijkmanagers, het Sociaal Wijkteam, woningcorporaties, de politie en de GGD. Gebleken is dat het delen van informatie tussen de diverse partijen juridisch ingewikkeld kan zijn, aldus het college: zo mag een melding die bij de politie binnenkomt en daar in het systeem terechtkomt niet gedeeld worden met een woningbouwcorporatie. Dat geldt bij koopwoningen ook voor een Vereniging van Eigenaren: daar wordt geen verschil tussen gemaakt.

Bevoegdheden corporaties

Woningbouwcorporaties kunnen al zelfstandig maatregelen treffen wanneer er sprake is van ernstige en herhaaldelijke vormen van overlast. In eerste instantie wordt dan gekeken naar de mogelijkheid van een vrijwillige gedragsaanwijzing. Dit is een overeenkomst tussen huurder en verhuurder op grond van artikel 7:900 van het Burgerlijk Wetboek, waarin afspraken worden vastgelegd om de woonoverlast te stoppen. Een corporatie kan daarnaast op basis van artikel 3:296 van het BW de rechter vragen om een huurder een gedragsaanwijzing op te leggen, in de vorm van een gebod (om iets te doen) of een verbod (de verplichting om iets te laten).

Daarnaast kan een corporatie een tweede- of laatstekanscontract afsluiten met een huurder, de huurovereenkomst laten ontbinden via de rechter of aanpassingen aan een woning doen waardoor overlast verminderd wordt, zoals het aanbrengen van geluidsisolatie. De gemeente heeft geen cijfers over het aantal keren dat naar deze maatregelen gegrepen wordt. De stappen die worden genomen bij burenoverlast zijn grofweg deze:

  • Beterburen: biedt in Zaanstreek-Waterland bemiddeling aan buren die overlast van elkaar ervaren en daar zelf niet uitkomen.
  • Mocht dit geen oplossing bieden, dan kunnen bewoners een melding maken bij de betrokken woningcorporatie, het Sociaal Wijkteam, het Meldpunt Overlast en Bemoeizorg van de GGD en/of bij de politie.
  • Deze verschillende instanties kunnen bewoners adviseren over het oplossen van de overlast. Gevallen die niet opgelost worden en verder escaleren kunnen vervolgens bij het Zorg- en Veiligheidshuis of bij Vangnet (een gemeentelijk initiatief) terechtkomen.
  • Indien echt niets heeft geholpen kan er een handhavingsverzoek bij de gemeente worden ingediend. Dan kan de burgemeester als ultimum remedium een gedragsaanwijzing opleggen.

Sinds 1 juli 2017 is de Wet aanpak woonoverlast van kracht die de bevoegdheden van de burgemeester heeft uitgebreid mits dit door plaatselijke regelgeving ondersteund wordt. Dat is in Zaanstad sinds dit jaar her geval na de wijziging van de APV. Als de situatie echt ernstig is en alle andere mogelijkheden om daar een einde aan te maken hebben gefaald, kan de burgemeester de overlastgever nu tijdelijk uit zijn huis te plaatsen om af te koelen. Die periode geldt voor tien dagen en kan worden verlengd tot vier weken. Er gelden strenge eisen voor: een tijdelijk huisverbod wordt door de wetgever gezien als een allerlaatste mogelijkheid om tot een oplossing te komen.

Voorbeeld van de website van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid.

Reacties