Een uiterst zorgvuldige afhandeling van de vergunningaanvraag voor een evenement kan er soms toe leiden dat de bezwaartermijn pas afloopt nadat het evenement al lang en breed achter de rug is. En alsnog bezwaar maken dus verspilde moeite lijkt. Maar volgens de burgemeester ligt dat wat genuanceerder.
Democratisch Zaanstad en het CDA stelden de kwestie gisteravond aan de orde naar aanleiding van het No Art Festival bij Taets op zaterdag 24 oktober. De publicatie van de vergunning daarvoor was op 25 september, met een bezwaartermijn van zes weken en dus eindigend op 6 november. Dat is niet de gewenste situatie, gaf Jan Hamming aan, maar omwonenden die na afloop van het festival binnen de gstelde termijn nog bezwaar aantekenen kunnen erop rekenen dat dat bij een volgende vergunningaanvraag alsnog wordt meegewogen.
Meerdere factoren
In dit geval was er volgens Hamming sprake van een combinatie van factoren. Zo liep er een Bibob-onderzoek en was er sprake van ontbrekende stukken, waardoor de hulpdiensten zich geen goed oordeel konden vormen over de veiligheidssituatie. De aanvraag leek in eerste instantie richting een afwijzing te gaan, maar na een nadere toelichting van de organisatie kwam er alsnog toestemming. Deze lange weg vanaf de aanvraag van de vergunning op 16 juli leidde uiteindelijk tot de late publicatie.