
Terwijl de bulldozers de eerste flat aan de Peperstraat te lijf gaan wacht de gemeente nog op de datum waarop de Raad van State zich over de door oud-bewoners ingediende beroepschriften tegen de sloop buigt en over het daartegen door Zaanstad ingediende verweerschrift. Het college maakt zich geen zorgen, blijkt uit de antwoorden op vragen van Democratisch Zaanstad.
De invoering van het wettelijke puntensysteem voor de middeldure huurwoningen in de nieuwbouw heeft volgens die antwoorden geen invloed op de afspraken die al eerder met de ontwikkelaar werden gemaakt over de verdeling van de nieuwbouw over de verschillende prijsklassen: het aandeel middeldure huurwoningen was en blijft 20 procent. De wens van het college en de gemeenteraad was om dat percentage op te krikken naar 30, maar dat bleek financieel onhaalbaar. Wel werd de oorspronkelijk geplande vijftien procent iets verhoogd.
Niet de gemeente maar de ontwikkelaar is in de rol van verhuurder verantwoordelijk voor de herhuisvesting van bewoners, schrijft het college ook. 'Vorig jaar hebben de bewonersconsulenten reeds een ronde individuele gesprekken gehouden om de bewoners van fase twee vroegtijdig te informeren, en daarnaast zijn de individuele huurders ook begin dit jaar per brief geïnformeerd over de beoogde planning en het vervolgtraject.' Huurders kunnen hun woonduur behouden als ze een nieuwe woning zoeken met een stadsvernieuwingsurgentie, wat door de projectconsulenten duidelijk gecommuniceerd moet worden.
Het college ontkent dat ontwikkelaar en huidige verhuurder Opportunity Vastgoed huurders van zowel de eerste als de tweede fase van de sloop gestimuleerd heeft om te verhuizen vóór de afgifte van de urgentieverklaring. 'Er is geen sprake geweest van stimuleren, maar het stond huurders vrij om een nieuwe woning te zoeken zonder stadsvernieuwingsurgentie en vooruitlopend op het afgeven van een peildatum door de gemeente.' Dat staat ook in het sociaal plan.
Iedere huurder had volgens het college recht op dezelfde verhuiskostenvergoeding, 'ongeacht de wijze en het moment waarop een huurder een nieuwe woning vond'. 'Dit was zelfs het geval voordat het sociaal plan was vastgesteld. Het recht op de vergoeding gold ook met terugwerkende kracht én vooruitlopend op afgifte van de peildatum (1 november 2019) Hierdoor was de keuzevrijheid voor alle huurders maximaal. Als huurders niet wilden wachten op het sociaal plan en de stadsvernieuwingsurgentie, dan hoefde dat dus ook niet.'
Voor fase twee ziet het college geen aanleiding om het maatwerk voor het vinden van een nieuwe passende woning te veranderen. 'De laatste huurders (van de eerste fase, red.) die zelf nog geen woning hadden gevonden, zijn succesvol direct bemiddeld naar een passende woning die voldeed aan hun woonwensen. Er is geen aanleiding om de afspraken over maatwerk te wijzigen. Nu zowel de consulenten als de ontwikkelaar, de gemeente en de woningcorporaties hier ervaring mee op hebben gedaan, is de verwachting dat er nu ook beter aan de huurders gecommuniceerd kan worden wat maatwerk inhoudt en hoe dat werkt.'