Nederlanders zien
huisvesting van arbeidsmigranten het liefst buiten reguliere woonwijken. Driekwart van de ondervraagden in het jaarlijks onderzoek onder ruim 2000 Nederlanders door Peil.nl in opdracht van KaFra Housing ziet deze werkenden het liefst worden ondergebracht aan de rand van dorpen, steden of bedrijventerreinen.
Bijvoorbeeld in de Achtersluispolder in Zaandam is dat al het geval. Daar is huisvesting voor arbeidsmigranten uit de Europese Unie gerealiseerd
op de hoek van de Sluispolderweg en Rijshoutweg. Het project bestaat uit een vijf verdiepingen tellend gebouw met 122 appartementen, geschikt voor in totaal 244 bewoners. Het complex mag er maximaal vijftien jaar blijven staan.
Verschuiving
Ten opzichte van 2021 is een duidelijke verschuiving zichtbaar in de mening van de ondervraagden. Waar toen nog 39 procent de voorkeur gaf aan kleinschalige huisvesting en 32 aan grootschalige oplossingen, kiest in 2026 een ruime meerderheid van 75 procent voor huisvesting buiten woonwijken. Grootschalige huisvesting aan de rand van bedrijventerreinen of in voormalige kantoorpanden (48 procent) staat bovenaan de wensenlijst. Andere opties krijgen aanzienlijk minder steun.
Noodzakelijk
Opvallend is daarnaast dat het aandeel Nederlanders zonder uitgesproken voorkeur sterk is gedaald: van 29 procent in 2021 naar dertien procent nu. Hoewel technologie breed wordt gezien als speerpunt van arbeidsmarktbeleid (78 procent plaatst investeringen in automatisering, digitalisering en artificiële intelligentie in de top twee van gewenste oplossingen), blijft arbeidsmigratie volgens de respondenten een noodzakelijke aanvullende oplossing.
Aparte aanpak
Een ruime meerderheid (71 procent) vindt dat huisvesting van arbeidsmigranten los moet worden gezien van het reguliere woningbeleid en 37 procent vindt dat hun huisvesting niet ten koste mag gaan van andere woningzoekenden, terwijl 34 procent aangeeft dat het om andere oplossingen vraagt dan reguliere woningen. Slechts een kwart ziet beide vraagstukken als één geheel.
Werkgevers
Volgens 58 procent van de ondervraagden zijn werkgevers primair verantwoordelijk voor de huisvesting van tijdelijke arbeidsmigranten. Daarmee wijst de publieke opinie vooral naar de partij die economisch het meest profiteert van arbeidsmigratie.