
Gemeenten hebben niet gediscrimineerd door hun ‘reguliere’ werknemers loonsverhoging en een koopkrachtcompensatie te geven en werknemers met een arbeidsbeperking niet. Dat oordeelt het College van de Rechten van de Mens in een zaak die door vakbonden FNV en CNV werd aangespannen.
Gemeentelijke medewerkers kregen vanuit de CAO een eenmalige uitkering om de inflatie te compenseren en begin dit jaar een structurele loonsverhoging. Werknemers bij de gemeenten met een arbeidsbeperking vallen onder een andere CAO en kregen dit extra loon niet. De vakbonden vonden het discriminerend dat er voor die laatste groep geen enkele maatregel is getroffen.
Het college vindt dat de twee soorten werknemers wat loon betreft niet met elkaar vergeleken kunnen worden. De werknemers met een arbeidsbeperking werken volgens het college onder aangepaste omstandigheden en zijn met een loonkostensubsidie in dienst. 'Dat het type werkzaamheden in de praktijk kan overeenkomen maakt dit niet anders. Doorslaggevend is dat er een relevant verschil is in hun arbeidsrechtelijke positie,' aldus het college.