
Het CDA vraagt het college of het klopt dat Zaanstad een afwachtende houding aanneemt wat betreft het ontwikkelen van beleid voor het plaatsen van microwindturbines op boerenerven. Fractievoorzitter Julie van ‘t Veer wil weten waarom er tot nu toe niets is ondernomen.
Microwindturbines - ook wel ‘boerenmolens’ of ‘erfturbines’ genoemd - worden door de provincie sinds 2020 in het landelijk gebied toegestaan tot een ashoogte van vijftien meter. Gemeenten als Edam-Volendam, Schagen en Koggenland zijn al aan de slag gegaan om dat te reguleren, maar Zaanstad lijkt nog te wachten op de uitkomst van proeven met deze kleine windmolens elders. Het CDA is er voorstander van om zo snel mogelijk met een eigen pilot te komen en stelt er schriftelijke vragen over. Welke mogelijkheden ziet het dollege voor het plaatsen van microwindturbines en hoe verhoudt dit zich tot de zoektocht naar plekken voor windenergie in het Noordzeekanaalgebied?