
De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming adviseert het kabinet om de jeugdhulp weer weg te halen bij gemeenten. Die kregen die taak er in 2015 bij, maar sindsdien is de opdracht een financiële molensteen geworden, ook in Zaanstad . Terwijl met name jonge eenmansbedrijven het grote geld opstrijken, onthulde Follow the Money afgelopen week.
Daar gaat het in het advies Jeugdbescherming in de toekomst echter niet over, maar wel doet de RSJ een aantal aanbevelingen. Het Rijk en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten willen er met een vereenvoudiging van de jeugdbescherming voor zorgen dat kinderen en gezinnen op tijd de juiste hulp en steun ontvangen en schreven een toekomstscenario voor de herijking van de jeugdbescherming. Hoewel de RSJ daar overwegend positief over oordeelt, springt één aanbeveling in het oog: 'Beleg de verantwoordelijkheid voor de jeugdbescherming uitsluitend bij de Rijksoverheid .'
De Raad vindt dat in het belang van rechtszekerheid en rechtsgelijkheid duidelijk moet zijn dat de Rijksoverheid, en niet de gemeente of regio verantwoordelijk is voor het zogenoemde gedwongen kader: als hulp niet langer vrijwillig gevraagd wordt, maar wanneer gezinnen die krijgen opgelegd omdat er grote zorgen bestaan over de veiligheid van kinderen. De overgang van vrijwillig naar gedwongen moet worden verankerd in wetgeving en landelijk beleid met een uniforme en voorzienbare werkwijze, aldus het advies.
De RSJ signaleerde op basis van gesprekken met kinderen en ouders verder drie terugkerende aandachtspunten die concreter dienen te worden uitgewerkt: kinderen en ouders voelen zich nu vaak onvoldoende gezien en gehoord en dat moet beter; er dient tijdig, onafhankelijk en kwalitatief goed onderzoek te zijn als basis voor beslissingen in de jeugdbescherming en er moet meer aandacht zijn voor de rechtspositie en rechtsbescherming van de betrokken gezinnen.