Kortebaandraverij Assendelft op lijst Immaterieel Erfgoed

Foto: Twitter / Rotary Club Zaanstad

De Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland wordt uitgebreid met een cluster van tien kortebaandraverijen, waaronder die van Assendelft. Ook de Nederlandse thuisbevalcultuur, de Matthäus Passion door de Nederlandse Bachvereniging in de Grote Kerk in Naarden, Afro – Surinaamse aflegrituelen, de Surinaams – Javaanse gamelantraditie, levende Nederlandse folkloredans en de dans cramignon worden bijgeschreven.

De lijst bevat daarmee binnenkort bijna 180 vormen van immaterieel erfgoed, waaronder ambachten, feesten en sociale praktijken. Met de bijschrijving in de Inventaris ‘laten de gemeenschappen zien dat ze bezig zijn met de borging van hun immaterieel erfgoed en werken ze aan de zichtbaarheid ervan,’ aldus het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland. Nadat er de afgelopen jaren al een aantal individuele draverijen waren opgenomen in de Inventaris, hebben nu ook tien andere draverijen een plan opgesteld om hun erfgoed voor de toekomst te bewaren.

Draverijen

De draverijen zijn in vrijwel alle gevallen onderdeel van de een feestweek. Sommige draverijen hebben daarom naast de draverij ook de andere activiteiten van de feestweek aangemeld, waardoor zowel de overeenkomsten als de verschillen tussen de draverijen zichtbaar worden. Het haat om de Kortebaandraverij Assendelft, de Harddraverij Lisse en omstreken, de Najaarsfeesten en Kortebaan Hillegom, de Kortebaandraverij IJmuiden, de Kortebaandraverij Santpoort, de Kortebaandraverij Nootdorp, de Kortebaandraverij Hoofddorp, de Kortebaandraverij Heemskerk, de Harddraverij Warmond en de Harddraverij Venhuizen.

Bescherming

Dit jaar moesten vanwege de coronamaatregelen al die traditionele dorpshoogtepunten worden afgeblazen, maar alle hoop is gericht op volgend jaar. Dan staat in Assendelft de draverij op de kalender op zaterdag 8 mei. Vorig jaar was de sector in rep er roer omdat het ministerie van Financiën nieuwe regels voor de kansspelbelasting wilde invoeren die de harddraverijen hard zouden raken. De inkomsten uit de totalisator (waarvan twee derde deel naar de organisatie gaat) zijn immers veruit de belangrijkste inkomstenbron voor de organisatie. Met de plaatsing op de lijst van immaterieel erfgoed wordt het gemakkelijker om dergelijke ‘aanvallen’ op de traditie in de toekomst te pareren.

Reacties